Onthouden oudere mensen op een andere manier?

Geschreven door Selma Lugtmeijer en Linda Geerligs

Wanneer u buiten loopt en een straat wilt oversteken is het belangrijk om in gedachten te houden wat u ziet terwijl u inschat wanneer u kunt oversteken. U kijkt naar links: vlakbij komt een fietser deze kant op, dan even niks, daarna een grote witte bus. Nu kijkt nu naar rechts: u ziet een kleine gele auto, die is nog ver weg, een andere wat grotere grijze auto staat geparkeerd. Om te beslissen of het veilig is om over te steken is het nodig om deze informatie uit de omgeving tijdelijk vast te houden en eventueel nog een keer te kijken om te vergelijken wat er veranderd is. Is er nog genoeg tijd om over te steken voor die witte bus?

Ons brein onthoudt wat we zien op verschillende manieren

We maken in ons brein op verschillende manieren een voorstelling van de buitenwereld, dit noemen we ook wel een representatie. Dit kunnen we op verschillende manieren doen.

  • Visuele representatie: een gedetailleerd beeld van de kleine, gele auto die we net hebben gezien.
  • Verbale representatie: in gedachten onthouden we onbewust woorden: “gele auto”, “witte bus op afstand”.
  • Categorische representatie: we onthouden tot welke categorie voorwerpen horen – we zagen een fiets, een bus en auto’s.

Brein activiteit in verschillende gebieden

Een visueel gedetailleerd beeld, bijvoorbeeld van de auto met die specifieke kleur geel, wordt in dezelfde hersengebieden onthouden die ook betrokken zijn tijdens het zien. Dit is aan de achterkant van het brein, in een gebied dat de visuele cortex wordt genoemd. Bij het verbale geheugen, het onthouden van woorden voor voorwerpen, zijn gebieden meer aan de voorkant van het brein betrokken. Dit zijn gebieden die belangrijk zijn voor taal. Ook bij het onthouden van categorische informatie zijn gebieden aan de voorkant van het brein betrokken. Er is als het ware een verloop van gedetailleerde informatie tot abstracte informatie van de achterkant naar de voorkant van het brein [2].

Veranderingen met leeftijd

Mensen gebruiken deze verschillende soorten representaties tegelijkertijd [3]. Echter, recente onderzoeken suggereren dat welk soort representatie het meest gebruikt wordt, verandert met leeftijd. Ouderen gebruiken over het algemeen meer verbale en categorische representaties. Dit heeft mogelijk deels te maken met de toename in verbale kennis van ouderen [4]. Aan de andere kant is het mogelijk ook om te compenseren voor achteruitgang in het visuele geheugen [5]. In taken die visuele representaties vereisen, zoals het onthouden van informatie die moeilijk te verbaliseren is, laten ouderen de meeste achteruitgang zien [5]. Een ander onderzoek laat zien dat er ook verschillen zijn wanneer jongeren en ouderen beide gestimuleerd worden verbale representaties te gebruiken. In deze studie benoemen deelnemers kleuren die ze moeten onthouden. Bij jongeren ondersteunt een woord het visuele beeld, hierdoor onthouden ze de precieze kleur beter. Bij ouderen helpt een woord wel om de categorie van een kleur te onthouden (bijvoorbeeld “geel”), maar niet de exacte tint [6]. Ouderen lijken dus meer goed te zijn in het onthouden van de grote lijnen en minder in het onthouden van de details [7].

In het dagelijks leven

Dit soort onderzoeken gaan vaak over het onthouden van kleuren of vormen en laten zien dat ouderen meer moeite hebben die informatie te onthouden. Maar wat betekent dat nou eigenlijk in het dagelijks leven? Eerder onderzoek laat zien dat mensen zijn beter in het onthouden van plaatjes van echte voorwerpen dan kleuren [1]. Het is makkelijker om betekenisvolle informatie te onthouden dan een precieze kleur zonder context. Ook zijn voorwerpen in het dagelijks leven makkelijk te verbaliseren.

Gegeven deze verschillen tussen informatie onthouden in het dagelijks leven en de informatie die vaak wordt gebruikt tijdens wetenschappelijk onderzoek, is het onduidelijk of de verschillen in onthouden tussen jongeren en ouderen die we zien in onderzoeken direct te vertalen zijn naar alledaagse situaties. Hiervoor is nog meer onderzoek nodig. In veel dagelijkse situaties is de gedetailleerde visuele informatie misschien niet zo belangrijk en volstaan verbale of categorische representaties om informatie te onthouden. Ten slotte, wanneer u de straat wilt oversteken is het wel van belang waar welke auto ongeveer is en hoe snel deze beweegt, maar is de precieze kleur geel van de auto niet zo belangrijk. Mogelijk is het verwoorden van informatie ter ondersteuning van wat je ziet een effectieve manier om te compenseren voor verminderd visueel geheugen bij ouderen. Zoals een ouder iemand mij zei: “Als ik mijn agenda ergens neerleg zeg ik hardop: ik leg mijn agenda naast mijn computer”. Met toekomstige studies hopen we een beter beeld te krijgen van hoe mensen van verschillende leeftijden in het dagelijks leven informatie onthouden en wat effectieve representaties zijn.

Wetenschappelijke bronnen

[1] Brady, T. F., & Störmer, V. S. (2022). The role of meaning in visual working memory: Real-world objects, but not simple features, benefit from deeper processing. Journal of Experimental Psychology: Learning, Memory, and Cognition, 48(7), 942.

[2] Christophel, T. B., Klink, P. C., Spitzer, B., Roelfsema, P. R., & Haynes, J. D. (2017). The distributed nature of working memory. Trends in cognitive sciences, 21(2), 111-124.

[3] Nicholls, L. A. B., & English, B. (2020). Multimodal coding and strategic approach in young and older adults’ visual working memory performance. Aging, Neuropsychology, and Cognition27(1), 83-113. 

[4] Salthouse T. A. (2014). Quantity and structure of word knowledge across adulthood. Intelligence, 46, 122–130.

[5] Forsberg, A., Johnson, W., & Logie, R. H. (2019). Aging and feature-binding in visual working memory: The role of verbal rehearsal. Psychology and Aging, 34(7), 933–953. 

[6] Forsberg, A., Johnson, W., & Logie, R. H. (2020). Cognitive aging and verbal labeling in continuous visual memory. Memory & Cognition48(7), 1196-1213. 

[7] Grilli, M.D. & Sheldon S. (2022) Autobiographical event memory and aging: older adults get the gist. Trends in Cognitive Sciences, 26(12), 1079-1089.

Plaats een reactie